Voor eventuele vragen ... vandemaker@gmail.com. Wanneer je merkt dat er een link niet werkt op deze website laat mij het weten zodat ik het kan het aanpassen. Een tip ... mis je een keer, probeer deze les met iemand uit de groep door te nemen. Met behulp van de website en zijn/haar aantekeningen moet dat lukken. Succes en plezier! Elton Eerkens
LES 1 | WEBONTWERP | INHOUD: INTRODUCTIE IN HTML
websites, interactiviteit en navigatie / W3C / cross-platform and crossbrowser / HTML (Hyper Text Markup Language) / webpagina structuur / tags en principes / hyperlinks (tekst en afbeeldingen)
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTEN 1. Verzin een opdracht voor een website. Bij het krijgen van een opdracht kan een ontwerper niet meteen beginnen met bouwen. De ontwerper zal eerst een paar stappen moeten ondernemen. Eerst zal hij of zij met de opdrachtgever moeten communiceren wat de wensen zijn, daarna kun je het traject doorlopen. Natuurlijk kun je als ontwerper alvast schetsen en ideeën vastleggen. / 3. Definieer je doelgroep. Het maken van een doelgroepanalyse is een hulpmiddel om inzicht te krijgen in de wensen en behoeften van de doelgroep. (doelgroepanalyse 1 en 2) / 4. Maak een moodboard. Wat is nou precies een moodboard? Een moodboard is een verzameling van afbeeldingen en materialen die een totaal beeld geven van de website of de doelgroep die de website wil aanspreken. Het is handig om een moodboard te maken, want dan kun je er later tijdens het ontwerpen op terugvallen.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADShtml.pdf
NUTTIGE LINKS
LES 2 | WEBONTWERP | INHOUD: INTRODUCTIE IN DRAMWEAVER
tags en principes / hyperlinks (absoluut/relatief) / introductie Dreamweaver / WYSIWYG / consistentie / storyboard / rootfolder structuur
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTENMaak een storyboard en neem deze mee naar les 3.
Wat is een storyboard? Een goed uitgevoerde website storyboard bestaat uit drie delen:
- een snelle schets van de structuur van de website- een gedetailleerd structureel overzicht
- een gedetailleerde schets van elke pagina
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
(over internet, ontwerpers, oogsnoep en veel meer)
(over gebruiksvriendelijkheid en meer)
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTENOefenen maar en maak een begin met verzamelen van materiaal voor je website.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
richtlijnen voor gebruiksvriendelijke websites
NUTTIGE LINKSdreamweaver support
(over gebruiksvriendelijkheid en mee)
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTENOefenen maar.... en maak een begin met het webklaar maken van materiaal voor je website.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
(opzoek naar kleurencombinaties....)
image-resolution (uitleg in het engels over resolutie en image size)
LES 5 | WEBONTWERP | INHOUD: PHOTOSHOP slicing techniek / tables
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTENMet behulp van de video tutorial (nuttige links) kun je thuis de slicing techniek oefenen.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
(video in het engels over de slicing techniek)
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTENOpdracht folder les 6: Gebruik CSS om een stijl te geven aan de proeftekst.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
welke lettertypes kun je gebruiken in websites
AANVULLINGVoordelen van CSS?
1. Met CSS kun je in hoge mate de weergave van je pagina bepalen en kun je effecten bereiken die met HTML tags alleen niet mogelijk zijn. Zo kun je bijvoorbeeld bepalen dat alle <h3> tags 18 Points groot moet zijn in de kleur rood en met het lettertype Arial. Het is dus veel flexibeler dan HTML wat de vormgeving betreft.
2. CSS stelt je in staat om alle
stijlelementen van een website in een document onder te brengen. Dat
wil zeggen dat je maar een document hoeft te veranderen om alle
pagina's van je site aan te passen. Wil je bijvoorbeeld de kleur van al
je Headings veranderen of het lettertype dat je in je paragrafen
gebruikt? Dan verander je het CSS document en alle pagina's nemen deze
stijl dan over. Met HTML zou je al deze wijzigingen in alle pagina's
moeten aanbrengen, wat veel meer werk is.
3. De pagina's van je site worden kleiner doordat je veel minder code hoeft te gebruiken. Hierdoor zal je site sneller laden.
4. CSS code is browser-vriendelijk. Het wordt ondersteund door browsers
Internet Explorer 3 en hoger en Netscape 4 (gedeeltelijk) en hoger.
Lagere browsers negeren CSS waardoor het daar niet voor problemen zorgt.
bron:
www.mijnhomepage.nl
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTEN
Opdracht folder les 7: Verzin een onderwerp. Voeg beeld en tekst toe. Verander de bestaande CSS en geef een eigen stijl aan de pagina's. Link alle pagina's aan elkaar.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
www.feng-gui.com(maak zelf een headmap van je ontwerp. Headmaps geven onderdelen aan die sterk de aandacht trekken)
AANVULLING
Op internet lezen we niet, we ’scannen’. Maar waarom eigenlijk? En hóe scannen we: wat zijn de best gelezen teksten op internetpagina’s? In dit artikel lees je meer over scannend lezen. En je krijgt een checklist om te kijken hoe scanbaar jouw webtekst is. Wist je trouwens dat scanbaar schrijven gunstig is voor zoekmachines. Download het scannen.pdf bestand en lees meer hierover.
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTEN
Bouwen maar.... bouw verder aan je website. In de laatste les (over twee weken) is er een mogelijkheid om je project te tonen aan de groep.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
materiaal voor les 8
NUTTIGE LINKS
DIV in combinatie met CSS
AANVULLING 1
Naam layer ID: Naam van de layer. Belangrijk omdat je er later naar kunt gaan verwijzen.
L (verticale afstand): De afstand van de linkerbovenhoek van de layer tot aan de bovenrand van de pagina.
T (horizontale afstand): De afstand van de linkerbovenhoek van de layer tot aan de zijrand van de pagina.
W (breedte): De breedte van de layer.
H (hoogte): De hoogte van de layer.
Z-Index: De volgorde waarin de layers op elkaar liggen. Hoe lager het cijfer, hoe dieper de layer in de pagina ligt. Layers met een hogere waarde voor de z-index liggen over layers met een lagere waarde.
BG Image: Achtergrond plaatje.
BG Color: Achtergrondkleur.
Clipping: Hiermee kun je een gebied binnen de layer aangeven dat zichtbaar moet zijn. L (left), T (top), R (Right) en B (Bottom) worden gebruikt om de coördinaten aan te geven en de grote van het zichtbare vierkant.
Overflow: Hiermee geef je aan wat er moet gebeuren als de inhoud van de layer groter is als het opgegeven gebied.
Visible: geeft aan dat de layer zo groot moet worden als de inhoud, zodat alles zichtbaar is.
Hidden: zegt dat het te grote gedeelte onzichtbaar moet zijn.
Scroll: geeft aan dat er scrollbalken moeten komen om naar de inhoud te scrollen.
Auto: geeft aan dat er pas scrollbalken moeten komen als de inhoud buiten het aangegeven gebied valt.
VIS: Hiermee geef je aan of de layer zichtbaar is in de browser. Je kunt de layer later weer zichtbaar maken met behaviours. Zo kun je verassende effecten creëren.
Inherit: geeft aan dat de layer de zichtbaarheid overerft van de moederlayer (waarin hij zich bevindt).
Visible: geeft aan dat hij zichtbaar is.
Invisible: geeft aan dat hij onzichtbaar is.
Default: is de standaardwaarde zichtbaar.
AANVULLING 2
Eén van de moeilijke dingen in CSS is het volledig centreren van een DIV. Om te kunnen beginnen moeten we een DIV absoluut positioneren. Zo kunnen we de DIV plaatsen waar we willen met behulp van coördinaten. Daarna geven we de DIV een hoogte/breedte en tenslotte ook zijn positie.
#container {
position:absolute;
width:500px;
height:300px;
top:50%;
left:50%;
background-color:#FFFF00;
}
Als je dit toepast zie je dat de DIV niet echt in het midden staat. Nu staat de DIV 50% weg van de bovenkant en 50% weg van de linker zijde. Als je goed kijkt kun je ook zien dat de linker bovenhoek van de DIV in het midden staat van de pagina. Wat wij willen is dat de DIV in het midden staat, en niet die hoek. Daarom gaan we de DIV met de helft van zijn lengte naar boven trekken, en met de helft van zijn breedte naar links. Zo dus.
#container {
position:absolute;
width:500px;
height:300px;
top:50%;
left:50%;
background-color:#FFFF00;
margin-left:-250px;
margin-top:-150px;
}
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTEN
Bouwen maar.... bouw verder aan je website. In de laatste les is er een mogelijkheid om je project te tonen aan de groep.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
materiaal voor les 9
NUTTIGE LINKS
embedding media uitgelegd door Quicktime zelf
AANVULLINGEmbedding Quicktime files and the parameters:
controller - sets whether the quicktime controls are shown or not : true / false
autostart - sets to auto play your movie : true / false
loop - sets to continuously loop your movie : true / false
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN
In dit blok van tien lessen worden de basisprincipes van HTML uitgelegd en bouw je een website met het progamma Dreamweaver. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. We gaan aan de slag met hyperlinks, CSS, tables en divisions. Termen die misschien nu niet zoveel zeggen maar gaande weg duidelijk worden. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces regelmatig te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn.
OPDRACHTEN
Geen opdracht voor deze les.
BELANGRIJK Geen nieuwe technieken. Tijdens de laatste les krijg je de mogelijkheid om vragen te stellen. Meer weten over: rollover, tables, div, embedden, javascript?
DOWNLOADS
ThickBox 3.1.zip
NUTTIGE LINKS
www.naarvoren.nl(typografie en internet)
www.sceneone.nl/tekst
(corpsgrootte)
www.accessibility.nl
(de schaalbaarheid van tekst op internet)
www.w3c.nl
(World Wide Web Consortium)
www.webrichtlijnen.nl
(duurzaam toegankelijk web)
www.drempelvrij.nl
(kwaliteitsmerk voor toegankelijke websites)
www.accessibility.nl
(voorbeelden van drempelvrije websites)
www.benvroom.nl
(top 10 ontoegankelijke webteksten)
www.webdesigning.nl
(hoe een gebruiksvriendelijke website ontwerpen?)
http://www.xs4all.nl/~werksman/webmees
(css codes)
www.naarvoren.nl
(tijdschrift voor webwerkers)
www.delijst.net
(website voor digitale bouwvakkers)
www.delijst.net/delijst/Design/Oogkoekjes
(oogsnoep)
www.usability.startpagina.nl
(startpagina gebruiksvriendelijkheid)
LES 1 | CONCEPT EN WEBONTWERP | INHOUD: INTRODUCTIE WEBONTWERP
ontwerpstappen / testen van een website ontwerp
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN In dit blok van vier lessen gaat het over de basisprincipes van het ontwerpproces bij webdesign. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn. Iedere les geef je een korte presentatie, zo leer je je eigen keuzes te beargumenteren en je voordeel te doen met input van anderen.
OPDRACHTEN 1. Test een website naar eigen keus a.d.h.v. de algemene checklist en de checklist voor gebruiksvriendelijkheid / 2. Verzin een opdracht voor een website. Bij het krijgen van een opdracht kan een ontwerper niet meteen beginnen met bouwen. De ontwerper zal eerst een paar stappen moeten ondernemen. Eerst zal hij of zij met de opdrachtgever moeten communiceren wat de wensen zijn, daarna kun je het traject doorlopen. Natuurlijk kun je als ontwerper alvast schetsen en ideeën vastleggen. Meer informatie hierover is te vinden in het document 'ontwerpstappen.pdf '. / 3. Definieer je doelgroep. Het maken van een doelgroepanalyse is een hulpmiddel om inzicht te krijgen in de wensen en behoeften van de doelgroep. (doelgroepanalyse 1 en 2) / 4. Maak een moodboard. Wat is nou precies een moodboard? Een moodboard is een verzameling van afbeeldingen en materialen die een totaal beeld geven van de website of de doelgroep die de website wil aanspreken. Het is handig om een moodboard te maken, want dan kun je er later tijdens het ontwerpen op terugvallen.
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
checklist gebruiksvriendelijkheid.pdf
NUTTIGE LINKSwww.naarvoren.nl
(typografie en internet)
www.sceneone.nl/tekst
(corpsgrootte)
www.accessibility.nl
(de schaalbaarheid van tekst op internet)
www.w3c.nl
(World Wide Web Consortium)
www.webrichtlijnen.nl
(duurzaam toegankelijk web)
www.drempelvrij.nl
(kwaliteitsmerk voor toegankelijke websites)
www.accessibility.nl
(voorbeelden van drempelvrije websites)
www.benvroom.nl
(top 10 ontoegankelijke webteksten)
www.webdesigning.nl
(hoe een gebruiksvriendelijke website ontwerpen?)
http://www.xs4all.nl/~werksman/webmees
(css codes)
www.naarvoren.nl
(tijdschrift voor webwerkers)
www.delijst.net
(website voor digitale bouwvakkers)
www.delijst.net/delijst/Design/Oogkoekjes
(oogsnoep)
www.usability.startpagina.nl
(startpagina gebruiksvriendelijkheid)
LES 2 | CONCEPT EN WEBONTWERP | INHOUD: GEBRUIKSVRIENDELIJKHEID
bespreken van opdracht / werken aan banner en pictogrammen
MATERIAAL
pen/papier/computer/usb stick
LEERPUNTEN In dit blok van vier lessen gaat het over de basisprincipes van het ontwerpproces bij webdesign. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en gebruiksvriendelijkheid. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten. Door je ontwerpproces te tonen aan de groep en de docent krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke punten zijn. Iedere les geef je een korte presentatie, zo leer je je eigen keuzes te beargumenteren en je voordeel te doen met input van anderen.
OPDRACHTEN
1. Ontwerp een banner (banner.pdf) die bij jou doelgroep past. / 2. Zoek een website die overeenkomt met jouw website en observeer de graphics die men gebruikt voor de navigatie en andere informatie. Maak zelf een aantal pictogrammen (zie nuttige links) die je denkt nodig te hebben voor je website.
BELANGRIJKNeem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
richtlijnen gebruiksvriendelijkheid.pdf
NUTTIGE LINKS
uitleg over pictogrammen
Eventueel te testen websites adhv de richtlijnen voor gebruiksvriendelijkheid:http://www.rijksmuseum.nl
http://www.artsenzondergrenzen.nl
http://www.vroegevogels.vara.nl
http://www.natuurmonumenten.nl
LES 3| CONCEPT EN WEBONTWERP | INHOUD: STORYBOARD EN KIJKGEDRAGbespreken van opdracht / maak een storyboard
MATERIAALpen/papier/computer/usb stick
LEERPUNTEN In
dit blok van vier lessen gaat het over de basisprincipes van het
ontwerpproces bij webdesign. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn
stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en
gebruiksvriendelijkheid. Je werkt tijdens de lessen aan diverse
opdrachten. Door je ontwerpproces te tonen aan de groep en de docent
krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke
punten zijn. Iedere les geef je een korte presentatie, zo leer je je
eigen keuzes te beargumenteren en je voordeel te doen met input van
anderen.
OPDRACHTEN1. Maak een storyboard.
Wat is een website storyboard?
Een goed uitgevoerde website storyboard bestaat uit drie delen:
* een snelle schets van de structuur van de website
* een gedetailleerd structureel overzicht
* een gedetailleerde schets van elke pagina
BELANGRIJKNeem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADShoe kijkt een bezoeker.pdf
NUTTIGE LINKS
Maak zelf een headmap van je storyboard. Dit zijn onderdelen van je ontwerp die sterk de aandacht trekken.
LES 4| CONCEPT EN WEBONTWERP |INHOUD: VINDBAARHEIDpresenteer jouw storyboard aan de groep / metatags / googlevriendelijk
MATERIAALpen/papier/computer/usb stick
LEERPUNTEN In
dit blok van vier lessen gaat het over de basisprincipes van het
ontwerpproces bij webdesign. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn
stappen in het ontwerpproces, webrichtlijnen en
gebruiksvriendelijkheid. Je werkt tijdens de lessen aan diverse
opdrachten. Door je ontwerpproces te tonen aan de groep en de docent
krijg je inzicht in hoe je te werk gaat en wat je sterke en zwakke
punten zijn. Iedere les geef je een korte presentatie, zo leer je je
eigen keuzes te beargumenteren en je voordeel te doen met input van
anderen.
OPDRACHTENPresenteer je eindopdracht aan de groep.
BELANGRIJKNeem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
NUTTIGE LINKS
AANVULLING
Met juiste tips en technieken, kom je hoger in de zoekresultaten. Zelf heb ik aardig wat tijd besteed om metatest.nl uiteindelijk bovenaan de zoekresultaten te krijgen. Veel tijd ging er zitten in het surfen langs tientallen websites die meer of minder goed advies over vindbaarheid geven. Onderstaande lijst tips is hiervan het resultaat.
Alle vindbaarheid tips op een rijtje:
1. Inhoud
Zoals Google zelf zegt: maak webpagina's voor bezoekers, niet voor zoekmachines. Zorg voor goede - liefst unieke - kwaliteitsinhoud. Geef nuttige informatie en zorg dat je pagina wat om het lijf heeft. Besteed hier tijd en vooral woorden aan. Een pagina met 300 (relevante) woorden in de tekst zal hoger in de zoekresultaten eindigen dan een pagina met 100 woorden.
2. Titel
Hierover is iedereen het eens: zorg voor een goede beschrijvende titel met woorden die ook op de pagina zelf voorkomen. De juiste combinatie van titel en inhoud is het meest bepalend voor je positie in de zoekresultaten bij zoekmachines.
3. Maak een 'site-map'
Een site-map bevat een compact overzicht van alle interne links op je site. Overzichtelijk voor bezoekers én zoekmachines. Een specifieke site map voor zoekmachines (bijvoorbeeld voor Google) helpt de zoekmachinerobot alle relevante pagina's van een site te vinden. Vooral de vindbaarheid van sites die gebruik maken van JavaScript navigatie, verbetert sterk met een sitemap, omdat interne links anders onzichtbaar blijven en niet worden gevonden door zoekmachines.
4. Zoekwoorden in de URL
Een webpagina met zoekwoorden in het adres zal een hogere ranking krijgen dan exact dezelfde pagina met een technische url. Wat betekent dat, 'zoekwoorden in de url', en hoe doe ik dat?
5. Vermijd 'gereserveerde woorden' in de URL
Veel webpagina's worden samengesteld door een script en daarbij gevuld met gegevens uit een of meerdere achterliggende databases. Het script heeft daarbij 'argumenten' nodig om de databases goed te kunnen bevragen, bijvoorbeeld de naam van een artikel. Zorg ervoor dat dit argument niet 'ID' of 'NAME' heet. Google waarschuwt expliciet tegen het gebruik van 'ID' als parameter in url's.
6. Meta tags
Veelbesproken, ongetwijfeld overgewaardeerd, maar toch belangrijk om ze goed te gebruiken: de meta tags 'description', 'keywords' en eventueel 'robots'.
7. Meld je aan bij zoekmachines
Logisch, maar waar kan het en waarop moet je letten? (overzicht aanmeldpagina's)
8. Begrijp hoe het werkt
Zoekresultaten bestaan uit webpagina's, niet uit websites. Als dat een open deur lijkt, waarom zijn er dan nog zoveel websites die hun index-pagina beschouwen als de enige voordeur tot hun site? Elke pagina, is een potentiële 'landingspagina', met een eigen titel, omschrijving en inhoud.
9. Verhoog je linkpopulariteit
Hoe meer (serieuze en relevante) webpagina's met een hyperlink naar jouw pagina verwijzen, hoe hoger je in de zoekresultaten komt. Let wel op: linkpopulariteit bouw je het best geleidelijk aan op. Een plotselinge stijging in links duidt op linkfarming en wordt gezien als verdacht.
- Meld je dus rustig aan bij indexpagina's en directories
- Bekijk de mogelijkheden voor link- en bannerruil
- Benader zelf webmasters van complementaire webpagina's met voorstellen voor linkruil
10. Actuele inhoud
Hou je pagina's bij, plaats nieuwe artikelen, updates, etc.. Een ongewijzigde pagina zal langzaam zakken in de ranking ten opzichte van vergelijkbare pagina's die regelmatig worden gewijzigd.
11. Geen 'frames'
Ik zeg het nog maar een keer: gebruik geen frames! Het HTML element FRAMESET en de onderliggende invulling van een of meerdere frames is een technisch achterhaald concept. Het stelt zoekmachines bovendien voor grote problemen voor wat betreft het volgen en indexeren van je pagina's.
12. Structuur
Zorg voor een goede structuur op je pagina's. Gebruik HTML elementen om de structuur te benadrukken en om de belangrijkste zoekwoorden te herhalen in subtitels en kopjes. Wat veel over het hoofd wordt gezien is dat HTML mogelijkheden biedt om tekst te structureren. Zoekmachines gaan ervan uit dat wanneer je bijvoorbeeld iets tussen hoofdkop tags (H1) hebt gezet, dit belangrijke informatie op de pagina is. Gebruik dus de H1, H2, H3 etc. elementen om subkopjes, paragraaftitels en dergelijke te maken. Tekst op dit niveau zal bijdragen aan de weging van de zoekwoorden en daarmee aan de positie van de webpagina in de zoekresultaten, voor die zoekwoorden. Door correct gebruik van HTML verbeter je dus de totale vindbaarheid.
13. Hyperlinks
Zorg voor een goede linkstructuur op je pagina en tussen andere pagina's op je eigen site, en zorg uiteraard voor werkende hyperlinks naar andere websites. Test je links eventueel met de Dode Link Test
14. Afbeeldingen en het TITLE attribuut
Afbeeldingsbestanden worden uiteraard niet door zoekmachines doorzocht. Zoekmachines zijn als het ware blind. Daarom kan het effectief zijn om afbeeldingen van TITLE attributen te voorzien met daarin goede beschrijvingen die de relatie tussen de zoekwoorden en de pagina versterken.
15. Technieken en standaarden
Bepaalde technieken kunnen de werking van zoekmachinespiders dwarsbomen. Het volgen van webstandaarden kan je behoeden voor fouten die je vindbaarheid verslechteren. Test eventueel je website op zoekmachinevriendelijkheid met de Metatest.
16. robots.txt file
Optioneel, voor de fine-tuning van je vindbaarheid en vooral voor het 'schoon' houden van je zoekresultaten. Niet al je pagina's zijn relevant voor gebruikers (en dus niet voor zoekmachines).
bron: metatest.nl
LES 1 | PHOTOSHOP | INHOUD: INTRODUCTIE PHOTOSHOP
pixels / kleurenmodes / resolutie / adjustments / layers / uitleg opdracht
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT ALGEMEENOntwerp voor een filmfestival of documentaire festival naar eigen keuze een poster, flyer en een logo. Gezien de structuur van de lessen is het slim om te beginnen met het ontwerpen van de poster. Aan het eind van dit blok van 10 lessen kun je de drie ontwerpen eventueel gebruiken voor je portfolio. Tijdens de laatste les is er een mogelijkheid om je werk te presenteren aan de groep. Bewaar je schetsen en tussentijdse stappen goed, want met dit materiaal kun je het ontwerpproces van begin tot eind goed in kaart brengen. Het kan tevens dienen als documentatie/archief voor andere 'opdrachten'. (hoe deed ik dat ook alweer?)
OPDRACHT VOOR VOLGENDE LES Bij het krijgen van een opdracht kan een ontwerper niet meteen beginnen met ontwerpen en vormgeven. De ontwerper zal eerst een paar stappen moeten ondernemen. Eerst zul je met de opdrachtgever moeten communiceren wat de wensen zijn, daarna kun je beginnen. We slaan deze stap over aangezien jijzelf mag bepalen wat voor filmfestival het wordt. Waar dan wel te beginnen? Er volgen nu een aantal tips:
1. Kies een onderwerp dat je boeit.
2. Kijk naar andere ontwerpen in boeken, magazines, op straat of op internet.
3. Begin met schetsen en ideeën vastleggen.
4. Definieer je doelgroep met behulp van een doelgroepanalyse. Het maken van deze analyse is een hulpmiddel om inzicht te krijgen in de wensen en behoeften van de doelgroep. Onder het kopje 'downloads' kun je de doelgroepanalyse downloaden.
5. Maak een moodboard. Wat is nou precies een moodboard? Een moodboard is een verzameling van afbeeldingen en materialen die een totaal beeld geven van het filmfestival en de doelgroep die het festival wil aanspreken. Het is handig om een moodboard te maken, want dan kun je er later tijdens het ontwerpen op terugvallen.
BELANGRIJKNeem de tijd voor het maken van de doelgroepanalyse en moodboard, maar begin er niet te laat mee. Gebruik internet, magazines, fotoboeken om inspiratie op te doen. Wanneer er onduidelijkheden zijn kunnen we die tijdens de les bespreken. Neem dus altijd je materiaal mee!
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
Overzicht van informatie over en links naar filmfestivals.
www.filmposters.net Voorbeelden van filmposters.
(uitleg in het engels over resolutie en image size)
(uitleg in het engels over kleurenmodus RGB)
(uitleg in het engels over 8 en 16 bit)
AANVULLING
image resizing:
Het veranderen van het formaat van het document zonder het aantal pixels in de afbeelding te veranderen.
image resampling:
Het veranderen van het aantal pixels in het document.
pixel dimensions:
De breedte en hoogte van het document op je scherm. Geeft ook de filesize aan van het document.
document size:
Geeft het formaat aan wanneer we het document willen printen en is gebaseerd op de resolutie.
We veranderen de pixel dimensies wanneer we het formaat willen aanpassen van het document speciaal gebruikt voor het web.
We veranderen de image size wanneer we het formaat willen aanpassen van het document speciaal gebruikt voor print.
.... trouwens 1 inch = 2,54 cm
RGB modus:
RGB staat voor Rood, Groen en Blauw. Het is de meest gebruikte kleurmodus en wordt voornamelijk gebruikt om kleuren weer te geven op beeldschermen (TV, monitoren, LCD displays en projectoren, ...)
CMYK modus:
CMYK staat voor Cyaan (blauw), Magenta (roze/paars), Yellow (geel). De K staat voor 'Key' (sleutel) en is het zwart in de CMYK kleurmodus. Het is het meest gebruikte kleurenmodel in de drukwereld.
LES 2 | PHOTOSHOP | INHOUD: LAYERS
lagen (layers) / eigenschappen / compositie / selecties
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT VOOR THUIS
Maak een compositie met behulp van de handout 'mondriaan_compositie.pdf'. Je mag afwijken van het voorbeeld. Het gaat voornamelijk om de technieken.
BELANGRIJKNeem je opdracht mee naar de volgende les. Wanneer er onduidelijkheden zijn kunnen we die bespreken zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
Inspiratie?
AANVULLING Pieter Cornelis Mondriaan wordt geboren in 1872 in Amersfoort. Hij groeit op in een streng christelijk gezin. Hij krijgt schilderles van zijn oom Frits.
In het begin schildert hij veel landschappen, bomen en andere herkenbare onderwerpen. Op een gegeven moment gaat hij op ontdekkingsreis. Zijn schilderijen worden steeds abstracter. Tot hij op een zeker moment alleen nog rechte lijnen gebruikt en alleen nog de kleuren rood, geel, blauw, wit en zwart. Mondriaan wordt lid van de kunstenaarsgroep De Stijl.
Na de Eerste Wereldoorlog gaat Mondriaan naar Parijs. Maar als de Tweede Wereldoorlog nadert, gaat hij eerst naar Londen en daarna naar New York. Daar schildert hij de Victorie Boogie Woogie.
LES 3 | PHOTOSHOP | INHOUD: SELECTIES
selecties / opties / compositie
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT VOOR THUIS
Download "maan_landschap.pdf". Hierin wordt uitgelegd hoe je in 7 stappen een collage kunt maken. Download ook het bestand "collage_map.zip". In de map zitten afbeeldingen die voor deze oefening gebruikt worden. Je mag afwijken van het voorbeeld. Tijdens de les worden verschillende technieken uitgelegd zodat je thuis verder kunt. Wacht niet te lang met het maken van deze oefening. Binnen een aantal dagen ben je veel van de informatie die je tijdens de les krijgt kwijt. Het is maar een tip.
BELANGRIJKIk krijg regelmatig de vraag of de oefeningen voor thuis ook meegebracht moeten worden naar de les. Neem je werk altijd mee naar de les. Wanneer er onduidelijkheden zijn kunnen we die bespreken zodat je thuis verder kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
Nog een oefening nodig?
Uitleg over de Toolbar.
LES 4 | PHOTOSHOP | INHOUD: SELECTIES
lasso tool / clone stamp tool / layer mask / layer style
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT VOOR THUIS
Download "bjork_compositie.pdf". Hierin wordt uitgelegd hoe je in 6 stappen een compositie kunt maken. Download ook het bestand "bjork_map.zip". In de map zit de afbeelding die voor deze oefening gebruikt wordt. Je mag afwijken van het voorbeeld. Tijdens de les worden verschillende technieken uitgelegd zodat je thuis verder kunt.
BELANGRIJKIk krijg regelmatig de vraag of de oefeningen voor thuis ook meegebracht moeten worden naar de les. Neem je werk altijd mee naar de les. Wanneer er onduidelijkheden zijn kunnen we die bespreken.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
Werken met maskers.
Nog meer inspiratie.
LES 5 | PHOTOSHOP | INHOUD: TEKST
Type tool / Vector vs Bitmap / Grafische vormgeving / Lay-out
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT VOOR THUISTijdens deze les gaan we werken met de Type Tool. Wanneer je tekst gebruikt moet je goed nadenken over de inhoud en de vormgeving van je poster. Onder het kopje 'downloads' vind je een handleiding in twee delen. Lees dit aandachtig! Er wordt oa. uitgelegd waar je op moet letten tijdens het grafisch vormgeven van de poster. Verwerk tekst in je poster mbv de handleiding en neem je ontwerp mee naar de volgende les.
BELANGRIJKWe hebben nog drie lessen te gaan! De volgende les gaan we verder met de type tool en maken we een begin met het ontwerpen van jouw logo. Met de kennis en de uren van oefenen, die je inmiddels hebt vergaard, is het een goed evaluatiemoment om je poster op papier te zien ipv op je scherm. Indien mogelijk print je poster uit en neem deze mee naar de volgende les!
DOWNLOADS
grafische_vormgeving_handleiding1.pdf
grafische_vormgeving_handleiding2.pdf
NUTTIGE LINKS
Uitleg over grafisch vormgeven.
Lettertype installeren in Vista.
Gratis fonts downloaden.
Gratis fonts downloaden.
AANVULLING
Durf als grafisch ontwerper buiten de gebaande paden te gaan. Je hebt een eigen visie en durf die ook uit te dragen. Dit draagt bij aan de originaliteit van je ontwerp.
LES 6 | PHOTOSHOP | INHOUD: TEKST EN SHAPES
Type tool / Custom shapes / Paths
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT VOOR THUISDeze keer geen speciale opdracht voor thuis.
BELANGRIJK
Lorem Ipsum is slechts een proeftekst uit het drukkerij- en zetterijwezen.DOWNLOADS
papier.zip
NUTTIGE LINKS
Allerlei tutorials over hoe je tekst op een path plaatst. (uitleg in het engels)http://www.bittbox.com
Hoe heb ik dit papier gemaakt?
Uitleg over blend modes.
Wat is lorem ipsum?
AANVULLING
LES 7 | PHOTOSHOP | INHOUD: PATHS
Selecties / Paths / Pen Tool / Type Tool
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT DEZE LES
Over het algemeen is het tekenen van een Path binnen Photoshop op vector techniek gebaseerd die je in Illustrator uitgebreid gaat toepassen, maar in Photoshop kun je ook gebruik maken van deze mogelijkheid en kent vele voordelen.BELANGRIJKNeem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
mijn_logo.zip
Handout voor vandaag.
Materiaal voor vandaag.
NUTTIGE LINKS
pentool.html (uitleg over de pentool in het engels)
www.pixelmountain.be
(maak je eigen stijlvolle icon)
AANVULLING
Geen aanvulling deze les.
LES 8 | PHOTOSHOP | INHOUD: PATHS
Selecties / Paths / Pen Tool / Type Tool
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT DEZE LES
Over het algemeen is het tekenen van een Path binnen Photoshop op vector techniek gebaseerd die je in Illustrator uitgebreid gaat toepassen, maar in Photoshop kun je ook gebruik maken van deze mogelijkheid en kent vele voordelen.BELANGRIJKNeem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
mijn_logo.zip
Handout voor vandaag.
Materiaal voor vandaag.
NUTTIGE LINKS
pentool.html (uitleg over de pentool in het engels)
www.pixelmountain.be
(maak je eigen stijlvolle icon)
AANVULLING
Geen aanvulling deze les.
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT DEZE LES
Er is geen opdracht voor deze les.BELANGRIJKVolgende week is de laatste les.
DOWNLOADS
grafische_vormgeving_handleiding1.pdf grafische_vormgeving_handleiding2.pdf Waar moet ik een custom shape bewaren?
NUTTIGE LINKS
uitleg over pictogrammen
pentool.html (uitleg over de pentool in het engels)
(vector shapes downloaden)
(maak je eigen glossy icoontje)image-resolution
(uitleg in het engels over resolutie en image size)
AANVULLING
Volgende week is het de laatste les. Tijdens deze les krijg je de mogelijkheid om je werk te presenteren en te evalueren. Tevens zal ik vragen beantwoorden. Met de kennis die je nu hebt zou je allerlei ontwerpen kunnen maken. Een logo bijvoorbeeld. Dit is niet specifiek behandeld en daarom laat ik het ook aan jou over om dit aan je poster toe te voegen of niet. Aangezien veel logo's met vectoren zijn gemaakt is dat meer iets voor een programma als Illustrator. Lessen in Illustrator komen nog dus je kunt altijd later je logo nog toevoegen aan je poster.
LES 10 | PHOTOSHOP | INHOUD: PRESENTATIES & EVALUATIE
Presentatie en evaluatie van je werk
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
OPDRACHT DEZE LES
We zijn aan het einde gekomen van het blok Photoshop. Alle opdrachten blijven voorlopig online staan. Wanneer je wilt oefenenen en gebruik wilt maken van de informatie op deze website dan kan dat.BELANGRIJKLaat je ontwerp aan andere zien. Kies mensen uit waarvan jij denkt dat ze relevante feedback kunnen geven. Wellicht krijg je reacties waarmee je iets kunt.
NUTTIGE LINKS
Grafisch ontwerpster
Ontwerpbureau
Nog een bureau http://www.rogerteeuwen.nl
Grafisch ontwerper
AANVULLING
Bekijk je poster en vraag je af:
• Heb ik rekening gehouden met de doelgroep?
• Komt de boodschap over?
• Heb ik een eyecatcher?
• Teveel tekst?
• Goede lay-out?
• Goed gebruik van kleuren?
• Lettertype en tekenstijl in orde?
Algemene indruk
1. De poster ziet er goed verzorgd uit en nodigt uit tot bestudering
2. De poster geeft de sfeer aan van het festival
3. De poster is goed leesbaar
Lay out
1. De poster is overzichtelijk
2. De poster heeft een eye-catcher
3. De volgorde waarin de poster moet worden gelezen blijkt uit vormgeving
4. De hoeveelheid tekst is niet te groot
5. Er is voldoende ruimte; de poster is niet volgepropt
6. Er is voldoende afwisseling tussen beeld en tekst
Inhoud
1. Titel en kopjes bevatten zinvolle informatie
2. Tekst is beknopt en summier, maar wel te begrijpen
3. Geen overbodige informatie
4. Editie Organisatie is aangegeven
5. Plaats en tijd van festival is kort aangegeven
6. Het is duidelijk hoe een lezer evt. contact kan opnemen met het festival (email, adres, website)
7. De detailgegevens die worden vermeld zijn relevant
LES 1 | FLASH | INHOUD: SHAPE TWEEN ANIMATIE
tweening (inbetweening) / shape tween / tijdlijn / keyframes / swf
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN In dit blok van twee lessen gaat het over de basisprincipes van een animatie maken in flash. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn de tijdlijn, shape tween en motion tween. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten.
OPDRACHTEN
Maak een animatie zoals we tijdens de les al hebben geoefend. Hieronder staat een afbeelding zoals de situatie in de tijdlijn zou moeten zijn. Oefen thuis met verschillende shape tweens en maak gebruik van lagen in de tijdlijn. Succes!
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
AANVULLING 1Hoe moet ik frames invoegen?
Insert > Timeline > Frame (F5).
Insert >Timeline > Keyframe (F6).
1. Shape Tween:
Je kunt een shape tween herkennen aan een groen pijltje.
2. Keyframe:
Je kunt een keyframe herkennen aan een zwart bolletje met een grijze achtergrond, dit betekend dat er een object "on stage" staat.
3. Lege (blank) keyframe:
Je kunt dit herkennen aan een wit bolletje met een witte achtergrond, dit betekend dat er niets "on stage" staat.
4. Action keyframe:
Bij dit frame komt een "action" voor. Je kunt bijvoorbeeld button maken die een bepaalde actie moet uitvoeren. Actions worden later in het flash blok uitgelegd.
5. Lege (blank) frame:
Je kunt dit herkennen aan een wit rechthoekje met een witte achtergrond, dit betekend dat er niets "on stage" staat.
6. Motion Tween:
De Motion Tween frame kun je herkennen aan de paarse kleur,hij zorgt er voor dat een voorwerk van links naar rechts te verplaatsen, en dat het natuurlijk vloeiend loopt.
7. Frame:
Je kunt een eind frame herkennen aan een wit rechthoekje met een grijze
achtergrond, dit betekend dat er een object "on stage" staat.
AANVULLING 2 Wanneer je een afbeelding wilt importeren in flash (file > import > import to library) kun je verschillende extenties gebruiken. Let wel: zet je afbeelding in een nieuwe laag.
.jpg
.gif
.png 24 bit (voor transparante achtergrond)
LES 2 | FLASH | INHOUD: MOTION TWEEN ANIMATIE
tweening (inbetweening) / motion tween / tijdlijn / keyframes / swf
MATERIAAL pen / papier / computer / usb stick
LEERPUNTEN In dit blok van twee lessen gaat het over de basisprincipes van een animatie maken in flash. Belangrijke onderwerpen daarbij zijn de tijdlijn, shape tween en motion tween. Je werkt tijdens de lessen aan diverse opdrachten.
OPDRACHTEN
Maak een animatie zoals voorbeeld 1 en 2. Oefen thuis met verschillende motion tweens en maak gebruik van lagen en afbeeldingen in de tijdlijn. Succes!
voorbeeld 1
voorbeeld 2
BELANGRIJK Neem je materiaal altijd mee naar de les. Tijdens de les wordt er namelijk aan opdrachten gewerkt zodat je thuis verder aan de slag kunt.
DOWNLOADS
NUTTIGE LINKS
AANVULLING 1Shapes, symbols en instances
Als je een object op de stage ziet moet je goed weten of het object een shape, een symbol of een instance is. Dit is vooral belangrijk voor het animeren en voor het toekennen van acties.
Shapes
Door gebruik te maken van de tool in de toolbar kan je willekeurige vormen tekenen op de stage. Deze vormen kan je nog manipuleren met de arrow tool. Je kan de vorm ook andere kleuren geven door gebruik te maken van de paint bucket tool.
Een shape is het meest primitieve element. Je kan een shape herkennen als je het selecteert zodat het geheel gearceerd wordt.
Opmerking: Als je een vorm tekent dan moet je goed weten dat de contour en de opvulling eigenlijk twee aparte vormen zijn. Dit is vooral bij animatie belangrijk, het kan immers onverwachte resultaten geven als je er geen rekening mee houdt.
Symbols en Instances
Een Symbol verschilt in die zin met een shape dat het op een aparte plaats bewaard wordt en dat je het meerdere malen kan gebruiken zonder dat dit de bestandsgrootte van de Flash-file veel vergroot.
AANVULLING 2 Het concept Symbols – Instance
Symbols gebruiken helpt de grootte van het bestand verminderen. Flash hoeft slechts eenmaal het Symbol te bewaren. Telkenmale dat er een Symbol is gebruikt, verwijst Flash naar het originele object dat ergens apart bewaard is. Het originele object is het Symbol en het element die op die stage staat is een Instance (letterlijk een voorbeeld van het origineel) van het Symbol. Dus een Symbol kan nooit op de stage staan, het is een Instance van het Symbol dat op de stage staat!
Je kan een Instance verschalen, roteren en zelfs een ander kleur geven zonder dat dit veel in bestandsgrootte scheelt. Flash hoeft niet steeds het gehele object te bewaren, maar enkel de veranderingen die zijn uitgevoerd op de Instance.
Library
Een Symbol wordt bewaard in een bibliotheek. De Interne Library van je Flash movie kan je openen door Windows > Library. Je kan ook externe bibliotheken raadplegen door onder Libraries te zoeken in de menu-bar. Dit zijn de bibliotheken die meegeleverd zijn tijdens de installatie van Flash. Indien je reeds een Flash movie hebt gemaakt en je wilt elementen die in die bibliotheek zaten hergebruiken in een nieuwe movie kan je die Library openen door op File > open as Library te klikken.
Een Symbol aanmaken
Je kan dit op twee manieren doen, je kan eerst een shape tekenen, het selecteren en deze converteren naar een Symbol (F8 of Insert > Convert to Symbol), of je kan direct een nieuwe Symbol aanmaken door op (Ctrl+F8 of Insert > New Symbol) te klikken.
Type van Symbol
Als je op F8 of Ctrl+F8 drukt zal de Symbol Properties dialoogbox geopend worden. Geef eerst en vooral uw aangemaakte Symbol een naam. Daarna moet je het type kiezen dat je Symbol moet hebben.
Een Symbol kan reageren op de stage, als Graphics, als Button of als Movie Clip.
Al die Symbolen worden rechtstreeks in de Library gestoken. Al wat op de stage staat is een Instance van een Symbol. In de Library kan je het onderscheid in type zien door icoontjes die ervoor staan.
Graphics Symbol
Graphics Symbols zijn de eenvoudigste vorm van Flash Symbols. Je kan hen gebruiken als statische figuren of je kan hen laten animeren. Als je ze animeert dan is hun tijdslijn verbonden aan de tijdslijn van de main movie. Stopt de main movie, dan stopt de Graphic animatie. Is een animatie binnen een Graphic Symbol bijvoorbeeld 10 frames lang, dan moet er op de hoofdtijdslijn minstens 10 frames beschikbaar zijn, opdat de hele animatie afgespeeld zou worden. Zoniet,dan wordt slechts een deel afgespeeld. Actie en geluid werken niet binnen een Graphic Symbol.
Button Symbol
De tijdslijn van een knop verschilt van andere Symbols. Het bevat vier frames elk met een label. De knop heeft vier ‘states’ die gebaseerd zijn op het gedrag van de muis. Je hebt de Up, Over, Down en Hit state. Deze vier frames zijn de enige die gebruikt kunnen worden. Je kan wel meerdere lagen gebruiken. Elke state kan een andere figuur bevatten. De Hit state is het oppervlak waar de knop ‘klikbaar’ is.
Een knop kan natuurlijk acties bevatten. Acties worden NIET toegekend binnen het Button Symbol maar wordt toegekend aan de Instance op de stage.
Immers je kan meerdere Instances van de knop op de stage zetten en het kan nooit de bedoeling zijn dat alle knoppen dezelfde actie uitvoeren.
Movie Clip Symbol
Movie Clips zijn de meest complexe Symbols in Flash. Je kan ze zien als mini-filmpjes in de grote Flashfilm. Je kan er animatie in toevoegen, acties, geluid en andere Symbols. Movie Clips bezitten hun eigen tijdslijn. Deze tijdslijn loopt onafhankelijk van de hoofdtijdslijn. Stopt de hoofdtijdslijn met afspelen, dan zal Movie Clip daarom nog niet stoppen met spelen. Ze worden ook gebruikt om constant acties te doorlopen en uit te voeren.
Instance op de stage zetten
Een Instance van een Symbol op de stage doe je zeer eenvoudig door vanuit de Library het gewenste Symbol te kiezen en het te verslepen op de stage. Het object dat nu op de stage staat is een Instance van het gekozen Symbol.
Symbols editen
Je kan dit doen op verschillende manieren. Ten eerste kan je door te rechtsklikken op het Symbol Edit kiezen uit het pop-up menu. Ten tweede kan je eenvoudigweg dubbelklikken in de Library op het icoontje dat voor de naam van het Symbol staat. En ten derde kan je rechtsklikken op een Instance van het Symbol en in het pop-up menu voor Edit kiezen.
Als je een Symbol wijzigt dan zullen alle instances op de stage ook wijzigen!
Instance Properties wijzigen
Iedere Instance van een Symbol heeft een aantal eigenschappen die gewijzigd kunnen worden. Dit zijn eigenschappen die enkel van toepassing zijn voor de geselecteerde Instance en hebben geen effect op het originele Symbol.
De eigenschappen die veranderd kunnen worden zijn brightness, tint, alpha en behaviour. Een Instance kan ook verschaald, geroteerd of onder een helling worden geplaatst . Ook deze veranderingen hebben geen invloed op het originele Symbol.
Veranderen van het kleureffect
Op iedere Instance van een Symbol kan een aantal kleureffecten worden toegepast. De basiseffecten zijn Brightness, Tint en Alpha.
Je kan via het Instance Panel het gewenste effect toepassen.
Het ‘Advanced’ effect is een combinatie van het Tint en Alpha effect en is uiteraard meer belastend.
Bron: alpha mega hosting